Bookmark and Share

texts

Time as Activity (*)

Informatie per kunstenaar en het getoonde werk

(*) De titel van de tentoonstelling wordt ontleend aan de reeks 'Time as Activity' van David Lamelas

John Baldessari
Hans Bryssinck & Diederik Peeters
Etienne Chambaud
Rodney Graham
Nelson Henricks
David Lamelas
Chris Lloyd
Kelly Mark
Rober Racine
Claire Savoie
Bill Vazan
Ian Wallace

 

John Baldessari Title

John Baldessari laat zich tijdens de jaren zeventig opmerken door zijn toe-eigeningen van beeldmateriaal uit de wereld van de publiciteit en de populaire cinema. Hij selecteert bijvoorbeeld vertrouwd aandoende beelden uit het B-filmrepertoire van Hollywood en print ze af op canvas, vaak vergezeld van woorden of lapidaire teksten, of gedeeltelijk bedekt met vlakken in primaire kleuren. Zijn confrontaties van woord en beeld spelen in op de blinde vlekken van het zien, en roepen associatieve structuren op die tegelijk verwijzen naar schilderkunst, kunsttheorie en mediakritiek.

Title is ongetwijfeld een van zijn meest radicale projecten. Dit videowerk uit 1974 bestaat uit de opeenvolging van minimale beelden gesneden uit een klassieke speelfilm, geordend volgens strakke pre-narratieve categorieën: de objecten, de personages, de landschappen, de frames met twee vormen, en de start van een dialoog of een handeling.
 In Title toont hij aan hoe film betekenis fabriceert en in scène zet, om ze misleidende ervaringen van ruimte en tijd te genereren. I am somehow trying to jam the media world together with what we would call the ‘real world’, verklaarde Baldessari later in een interview.1

Hans Bryssinck & Diederik Peeters Los Viernes

In 2003 namen Hans Bryssinck en Diederik Peeters deel aan de tentoonstelling Storage & Display in Mexico City met Los Viernes (‘De vrijdagen’). Op twee opeenvolgende vrijdagen verkennen ze de metropool langs exact hetzelfde traject, om op hetzelfde moment van de dag binnen dezelfde cadrage exact dezelfde handelingen uit te voeren.

Hans Bryssinck & Diederik Peeters, Los Viernes, 10 min. Courtesy of the artists

De film plaatst actie en re-enactment naast elkaar, in de lijn van Francis Alys’ opmerkelijke Re-enactment uit 2000, waarin Alys’ wandeltocht met een geladen wapen uitloopt op zijn arrestatie, én een videoregistratie van dezelfde feiten één dag later, heruitgevoerd met dezelfde politieagenten. Maar bij Bryssinck & Peeters gaat de juxtapositie niet zozeer om de vergelijking van de spanning en intensiteit van beide performances, maar om de absurde, protocolaire exactitude van hun bewegingen in het tweede deel. In Los Viernes mondt één dag in een chaotische grootstad uit in een ceremoniële en recyclage van eerdere ervaringen, als een speelse sabotage van het gedicteerde verlangen om nieuwe, authentieke impressies op te doen.

Etienne Chambaud L’Horloge

Etienne Chambaud is een Franse kunstenaar die zich liet opmerken met zijn deelname aan de Biënnale van Lyon in 2007 en aantal solotentoonstellingen in Parijs.

Chambauds L’Horloge uit 2007 – dat deel uitmaakt van Time as Activity – bestaat uit een verzameling filmstills waarop een klok wordt getoond. Door het fictieve tijdsverloop uit de films te bevriezen, geeft de kunstenaar het werk een utilitair karakter. De stills, die telkens één minuut duren, zijn gerangschikt op basis van het aangegeven tijdstip, zodat de installatie ook werkelijk kan fungeren als uurwerk. Al is L’Horloge een precair beeldarchief dat talrijke hiaten bevat. De ontbrekende minuten zijn vervangen door een dysfunctioneel blauw scherm, waardoor filmstills opduiken en verdwijnen, zodat de toeschouwer ook een beeld krijgt van de tijd die verloren gaat. Het werk houdt ook een uitgesproken regressieve dimensie in, een onderhuidse herinnering aan vergankelijkheid: The animation of the past in an old motion picture is reduced to a nature morte with a clock face.2

Etienne Chambaud, L'Horloge, various materials including a computer program and film stills, édition 1/5, 2005-2008. Collection Frac Ile-de-France, Paris. Courtesy of the artist and Galerie Lucile Corty, Paris.


Etienne Chambaud, L'Horloge, various materials including a computer program and film stills, édition 1/5, 2005-2008. Collection Frac Ile-de-France, Paris. Courtesy of the artist and Galerie Lucile Corty, Paris.

Rodney Graham Lobbing Potatoes at a Gong

Sinds het eind van de jaren zeventig heeft Rodney Graham een conceptueel oeuvre uitgebouwd waarin hij op regelmatige basis elementen herneemt uit de wereld van de muziek en de cinema. Vaak voert hij zichzelf op als een flegmatische performer die, hoe veelbelovend de actie aanvankelijk ook klinkt, verstrikt raakt in een lus van voorspelbare, onspectaculaire gebeurtenissen: verkleed als piraat op een paradijselijk eiland (Vexation Island 1997), achteruitrijdend op een fiets onder invloed van LSD (Photokinetoscope 2002), op reportage in Kurt Cobain’s geboortestadje (Aberdeen 2000) of onderuitgezakt in een kunstmatige slaap op de achterbank van een auto (Halcion Sleep 1994).

Lobbing Potatoes at a Gong (1969), 2006, Super 16mm b/w film loop, sound, 9:20 min.; Vodka bottle in vitrine. Courtesy the artist, Hauser & Wirth and Donald Young Gallery Chicago

Lobbing Potatoes at a Gong (2006) is geïnspireerd op een rockanekdote uit de jaren zestig, waarbij de drummer van Pink Floyd, slachtoffer van een jamsessie die maar niet wil ophouden, uit verveling aardappelen begint te gooien in de richting van een gong. Graham herspeelt de gebeurtenis als een parodie op een Fluxusperformance, verkleed in laarzen, jeans en een houthakkershemd, als was hij een New Yorkse kunstenaar uit die tijd. Het gefilmde publiek houdt Grahams sessie gedwee vol. Nu en dan raken zijn aardappelen het doelwit, om achteraf gedistilleerd te worden tot vodka (vandaar de fles met het etiket dat Fluxus’ wijde proliferatie van concrete poëzie persifleert, als vast onderdeel naast de 16mm-projectie). Marie-Josée Jean: l’auditoire d’aujourd’hui ne peut faire autrement que d’éclater de rire en réalisant l’heureuse distance qui le sépare de l’ambiance de cette époque.

Nelson Henricks Countdown

De Canadese videokunstenaar Nelson Henricks toont passages van tijd aan de hand van al dan niet betrouwbare biografische elementen, binnen een veelzijdig oeuvre dat de hedendaagse condition humaine niet zonder weerhaken in de kijker zet.

In Happy Hour, een video-installatie uit 2002, staat een oude wekker centraal: de kunstenaar maakte een reconstructie van de foto waarop hij het object als twaalfjarige op Kerstmis in ontvangst neemt. Diezelfde wekker geeft de tijd aan tijdens een performance waarin de opkomende lichamelijke effecten van overmatig alcoholgebruik als metafoor dienen voor het verglijden van tijd, het verlies van onschuld en de onvermijdelijke omkering van werk en genot.

Nelson Henricks, Countdown. 30 sec., in loop, 2007, Video projection, colour, silent. Courtesy of the artist.

In Countdown, Henricks bijdrage aan Time as Activity, duikt weer dezelfde wekker op, als onderdeel van een gejaagde opeenvolging van getallen die verschijnen in close-up, vluchtig te herkennen aan details uit het dagelijkse leven. De cijfers evolueren in dalende volgorde, als de kwantitatieve parameters van uiteenlopende meetsystemen. Ze vormen een numerieke reeks die tegelijk ook associatieve effecten heeft, reikende van meetlatten, rekenmachines, thermometers, telefoons, computers tot horloges, uren, minuten, dobbelstenen, tijd, spanning, geluk en ongeluk.3

David Lamelas Time as Activity

In de jaren zestig en zeventig pendelt David Lamelas tussen zijn geboorteland Argentinië en verschillende steden in Europa. In die tijd ontwikkelt hij een esthetiek van pure informatie (Benjamin Buchloh over Lamelas in 1997). De kunstenaar portretteert plaatsen, personen en gebeurtenissen zonder narratieve of lyrisch-kosmopolitische franjes, volgens conceptuele structuren die, zeker in retrospectief opzicht, ongemeen helder en baanbrekend zijn. Zijn oeuvre – met tijd, plaats en taal als gepriviligieerde thema’s – wordt nu dan ook gezien als een van de pijlers in de ontwikkeling van de conceptuele kunst.

David Lamelas, Time as Activity – Warsaw, 2006, (still), Courtesy Jan Mot, Brussels / Foksal Gallery Foundation, Warsaw

In Time as Activity, een videoreeks die tot op vandaag verder loopt, toont hij tijd in een gefragmenteerde maar ongecondenseerde vorm, als de drievoudige lineaire opeenvolging van weinig spraakmakende gebeurtenissen die zich afspelen in hetzij Düsseldorf, Antwerpen, Brussel, Warschau of New York ... De duur van de gefilmde fragmenten (drie maal vier minuten) valt volledig samen met de werkelijke tijd, waardoor de toeschouwer het ‘pure’ tijdsverloop beleeft als een ontoereikende mentale constructie. De fragmenten wijzen erop dat locatie en plaats de primaire parameters van een ervaring vormen, want, zo verklaart Lamelas in 2004, ruimte is een werkelijkheid, ze bestaat. Tijd daarentegen, vervolgt hij, bestaat niet; ons bewustzijn construeert de tijd. Tijd is een fictie.4

Chris Lloyd Dear PM

Chris Llyod is kunstenaar, curator en artistiek directeur van Third Space, een van de talrijke artist-run-spaces in Canada5. Sinds 1 januari 2001 schrijft hij dagelijks een brief aan de eerste minister van het land. Chris Lloyd: Omdat deze brieven gericht zijn aan de werkelijke en symbolische leider van het land beweeg ik me tussen ernst en bedrog, werk en ontspanning, kunst en bureaucratie. Ik exploreer situaties uit het dagelijkse leven om de rol van de kunstenaar in onze maatschappij in vraag te stellen.

Chris Lloyd, Dear PM, 2001-, more than 1700 letters sent to the Prime Minister of Canada since 2001. Art Gallery of Calgary, 2005. Courtesy of the artist.

In een toon die vaak heel casual blijft, zet hij de ongerijmdheden van de hedendaagse maatschappij uiteen, zoals die op grote en op kleine schaal zichtbaar worden in het leven van alledag. Is the personal really political? Zijn we aan het verdrinken in een systeem van excessieve consumptie? Kan kunst de monotonie overstijgen?6 Geen enkele van de eerste ministers die sinds 2001 aan de macht kwamen, hebben officieel een blijk van aandacht gegegeven, maar het project verspreidde zich via de blogosfeer en via een opvolging van tentoonstellingen in wisselende kunstencentra. In Netwerk wordt een selectie uit de brieven getoond.

Kelly Mark In & Out

Kelly Mark behoort tot de jongere generatie Canadese kunstenaars. Ze benadert tijd niet als een metafysisch begrip, maar eerder als een repetitief, om niet te zeggen sculpturaal gegeven – al wordt dit soms genadeloos op een economische leest geschoeid.

Kelly Mark, In & Out (1997/ongoing until 2032), Steel time card racks & punch cards. Courtesy of the artist.

Sinds 1997 legt ze de duur van haar artistieke activiteiten vast op prikkaarten, die ze tot haar wettelijke pensioen in 2032 belooft bij te houden in een installatie met als titel In & Out. Omdat haar leefruimte vooralsnog samenvalt met haar werkruimte, krijgt de benaming een meer dan ironische lading. Hoe vertaalt een kunstenaar zijn artistieke bezigheden naar de dominante codes van corporate governance? Sinds de installatie verkocht werd aan een Canadese kunstverzamelaar wordt Kelly Mark ook vergoed voor haar geleverde arbeid, in overeenstemming met de economische consequenties die eigen zijn aan het werk.

Voor een ander werk, Minimum Wage, liet ze zich voor de duur van een tentoonstelling vergoeden aan het officiële minimumloon van Canada, een transactie die haar ironisch (of spijtig) genoeg meer opleverde dan een regulier honorarium.

Rober Racine Vexations & Salammbô

De Canadese kunstenaar Rober Racine, in België ook bekend omwille van zijn deelname aan Jan Hoets Documenta in 1992, kreeg een opleiding als musicus. In 1978, op tweeëntwintigjarige leeftijd, speelt hij Vexations van Eric Satie, tegelijk het kortste (de melodie duurt niet langer dan een minuut) en het langste stuk uit Saties repertoire (op de partituur staat te lezen: Pour se jouer 840 fois (...) – een aanwijzing die Racine letterlijk neemt).

Rober Racine, Salammbô, 1980

Bij Racine krijgt herhaling een mateloze allure; zijn performances zijn stachanovistische prestaties die urenlang blijven voortduren. Later schrijft hij zes romans van Gustave Flaubert over met de hand. In 1980 declameert hij een integrale versie van Salammbô, een boek van dezelfde auteur, op een trap waarvan de vorm overeenstemt met het aantal hoofdstukken van het boek en de breedte van de treden met het aantal woorden per hoofdstuk. De performance duurt veertien uur. Racine, in 1993: L’artiste est là pour offrir des visions, transcender le réel, le montrer sous de nouveaux angles. Il ressemble à un pilote d’essai. Il repousse toujours plus loin les limites de l’exploration du monde et de l’infini.7

Claire Savoie Aujourd’hui (dates-vidéos)

Op 5 februari 2006 realiseert Claire Savoie haar eerste date-vidéo, als onderdeel van een obsessief-repetitieve impuls om dagelijkse impressies vast te leggen, in reeks die bijgehouden wordt onder de titel Aujourd’hui (dates-vidéos). Geïnspireerd door On Kawara’s Date Paintings – en zijn reeksen I Got up at, I Went, I Am Alive, I Read, I Met, … - grijpt Savoie wat het heden haar te bieden heeft. Gebeurtenissen selecteert en ordent ze in korte video’s waarop tekst, geluid en beeld samen verschijnen. Door ideeën te laten evolueren in tijd wijkt ze af van de meer onthechte praktijken van On Kawara – geregeld ontstaan er bij haar verschuivingen in de ervaring van tijd, waardoor heden en verleden in een circulaire beweging in elkaar overlopen. Claire Savoie: L’oeuvre dans tous ses états et toutes ses étapes, de son origine à son inachèvement, procède par la circularité de l’obsession.8 Haar herhalingen zijn niet mechanisch maar subjectief, omdat het werk volledig ingebed zit in het dagelijkse bestaan van de kunstenares.

Claire Savoie, Aujourd'hui (dates-vidéos), video installation, 2006/on going. Courtesy of the artist.

Claire Savoie, Aujourd'hui (dates-vidéos), video installation, 2006/on going. Courtesy of the artist.

Bill Vazan Yonge Street Walk, Toronto

Bill Vazan wordt vandaag gezien als een Canadese vertegenwoordiger van de land art, maar aan het begin van zijn carrière ontwikkelde hij, tijdens zijn trektochten door stad en natuur, een conceptuele beeldtaal die geheel op zichzelf stond. Vanaf het einde van de jaren zestig begon Vazan zijn trajecten te documenteren aan de hand van een duidelijke systematiek: hij maakte foto’s door halt te houden bij elke straathoek, bij iedere bushalte, en dergelijke meer – vaak in reeksen van meer dan honderd beelden. Zelden zijn z’n foto’s perfect uitgelicht: ze vormen vooral een directe weergave van de volgehouden lineariteit van zijn tochten, van de fysieke afstanden die hij overbrugt, en van de tijd die hier onvermijdelijk mee gepaard gaat.

Bill Vazan, Yonge Street Walk (detail), Toronto, 1969/1972, 163 colour slides. Courtesy of the artist


Bill Vazan, Yonge Street Walk (detail), Toronto, 1969/1972, 163 colour slides. Courtesy of the artist

De fotoreeks Yonge Street Walk, samen met de landkaarten en de notities die Vazan tijdens die tocht optekende, dateert uit deze periode. Tegelijk ontwikkelde hij toen ook projecten als Canada Line (1969-1970), Worldline (1969-1971) en Intercommunication Lines (1968-2002), waarin hij wereldwijde informatiestromen aanduidde op landkaarten, als een voorafspiegeling van het globale communicatienetwerk waarin we vandaag opgenomen zijn.

Ian Wallace At Work

Ian Wallace speelde een centrale rol in de ontwikkelingen van de conceptuele kunst in Canada. Samen met zijn collega’s (en voormalige studenten) Jeff Wall, Rodney Graham en Ken Lum vormde hij een groep in Vancouver gevestigde kunstenaars die opvielen door hun sterke individuele stellingnames ten opzichte van conceptuele kunst en theorie.

Ian Wallace, At Work, 1983, black and white photograph, edition of 3, 41 1/2" × 60". Courtesy of the Catriona Jeffries Gallery, Vancouver.

Baanbrekend in het oeuvre van Wallace was zijn performance At Work in de Or Gallery in 1983, waarin de kunstenaar zijn werktijd ostentatief wijdde aan het lezen van een boek, in een tentoonstellingsruimte ingericht als een rudimentair bureau. Van tijd tot tijd maakte hij een notitie. Zijn literatuurkeuze, Kierkegaards On the Concept of Irony (with constant reference to Regine Schlegel), refereert niet enkel naar de ironie van de situatie – het ‘werk’ van de kunstenaar bestaat uit lezen, nadenken en aantekeningen maken – maar valt ook samen met de ‘performance’ zelf. Niet toevallig schreef Kierkegaard zijn traktaat als antwoord op Hegels kritiek dat de ironische attitude vaak te afstandelijk was, en neigde tot besluiteloosheid.

1 www.artnet.com/Magazine/FEATURES/davis/davis12-7-04.asp

2 Joanna Fiduccia, On a Few of Etienne Chambaud’s Works, Paris, 2008. www.lucilecorty.com.

3 www.nelsonhenricks.com/countdown.html

4 David Lamelas tijdens een interview met Pierre Bal-Blanc and Pascal Beausse, in 2004. Vrije vertaling van een transcriptie op blogs.myspace.com/index.cfm?fuseaction=blog.ListAll&friendId=195806009

5 www.thirdspacegallery.ca

6 www.artgallerycalgary.org/old/Art%20%20Politics%20Collide%20at%20the%20AGC.pdf Vrije vertaling.

7 Citaat uit een interview in het tijdschrift Voir. www.prixduquebec.gouv.qc.ca/recherche/desclaureat.asp?noLaureat=359

8 Citaat uit een notitieboekje van de kunstenares.

Time as Activity werd gerealiseerd met de steun van: